Robert Cage

In april 2010 had ik het genoegen uitgebreid met bluesman Robert Cage te spreken. Ik sprak met hem in zijn woonplaats Woodville, in het diepe zuiden van Mississippi, tegen de grens met Louisiana.
P1050075Cage is in 1937 in New Orleans geboren, maar als hij nog heel jong is verhuist het gezin naar Natchez om zich vervolgens definitief te vestigen in Woodville.
Al op jonge leeftijd raakt hij gebiologeerd door de bluesartiesten die in de juke joints in en rond Woodville spelen. Omdat hij vanwege zijn jonge leeftijd niet naar binnen mag, staat hij dikwijls buiten te luisteren en door de kieren naar binnen te gluren. Zijn moeder verbiedt hem regelmatig om daar rond te hangen, want mede door de overvloedige hoeveelheden drank gaat het er soms stevig aan toe en ze wil niet dat haar zoon betrokken raakt in een vechtpartij.
“My mother thought I was too young and she didn’t allow me to be around there too much”, aldus Cage. Maar de jonge Robert wordt als een magneet aan- getrokken door de bluesmuziek die hij daar hoort. Als hij elf jaar is krijgt hij van zijn moeder een gitaar, een Gene Autrey gitaar uit de Sears Roebuck catalogus. Zijn moeder moet er $ 11,- voor neertellen en Robert is de koning te rijk. Hij speelt voortdurend op zijn gitaar en krijgt dikwijls te horen: “Come on boy, you got work to do”.

Cage luistert vaak naar zanger/gitarist Scott Dunbar en vioolspeler Lee Baker en hij bekwaamt zich in de vooroorlogse, akoestische blues van Dunbar. Een stijl die zich in een betrekkelijk isolement kon ontwikkelen en zich onderscheidt van de Deltablues of countryblues. Scott Dunbar woont bij het nabij gelegen Lake Mary en verdient er de kost als visser en gids en alhoewel ze nooit samen spelen is Dunbar’s invloed op het spel van Robert Cage groot. Als Cage echter de muziek van John Lee Hooker hoort verlegt hij zijn horizon naar meer eigentijdse blues en rock ’n’ roll à la Chuck Berry. Hij tourt veelvuldig met zijn band door het zuiden van de Verenigde Staten, maar uiteindelijk keert hij toch weer terug naar die zo door Dunbar beïnvloedde bluesstijl. Naast zijn werk als monteur speelt hij in de weekenden vooral in lokale clubs, meestal solo, soms samen met bijv. Hezekiah Early.

In 1988 brengt hij zijn cd ‘Can see what you’re doing’ uit op het Fat Possum label, geheel in de stijl die hij zich op jonge leeftijd eigen maakte. Zijn cd doet het nog steeds wel aardig. Eén keer in de drie maanden ontvangt hij wat royalties, maar daar wordt hij niet rijk van. Het echte geld moet toch vooral worden verdiend met de live optredens. Hij doet het de laatste jaren wat rustiger aan, maar in het verleden heeft hij uitgebreid getourd in Japan en Europa, en samen met Cedric Burnside heeft hij in bijna alle staten van de VS gespeeld. Hij speelt nu vooral in de regio, alleen of met zijn eigen band.
P1050084In de afgelopen twintig jaar is het bij die ene cd gebleven. Cage werkt wel aan nummers voor een tweede album, maar het proces vordert maar traag, omdat hij vooral nieuwe, eigen nummers wil brengen. Hij vertelt dat de nieuwe songs meestal ontstaan terwijl hij gewoon wat op zijn gitaar speelt. Op een bepaald moment heeft hij een melodie te pakken en dan komen de woorden ook vanzelf.
In 2001 coverde Buddy Guy het nummer Who’s Been Foolin’ You van Cage op zijn album Sweet Tea, dat ook verder vrijwel geheel bestaat uit nummers van hedendaagse bluesmannen uit Mississippi.
Als het een beetje meezit komt er misschien aan het eind van 2010 een tweede album van Robert Cage uit. Misschien opnieuw bij Fat Possum, maar er ligt ook een aanbod van een label uit San Diego.

Die tweede cd van Robert Cage komt er helaas niet meer. Hij overleed drie maanden na onze ontmoeting op 75-jarige leeftijd.

© Johan Spin, 2010